U heeft een buitenverblijf in Frankrijk. U wordt daarop belast in Frankrijk, maar u moet dat ook in België aangeven. Hoe geeft u dat in België correct aan en welke invloed heeft het op uw belastingen in België? Het Hof van beroep te Antwerpen verduidelijkt dat nu in het licht van de recente Europese rechtspraak

Een Belgisch gezin had een onroerend goed in Frankrijk. Als brutohuurwaarde werd de Franse valeur locative brute aangegeven. Dat is een forfaitaire huurwaarde die als belastbare basis dient voor de Franse “taxe foncière” en de “taxe d’habiation”. Van die waarde trokken de belastingplichtigen de Franse belastingen op het onroerend goed (“taxe foncière” en “taxe d’habitation”) af. Deze berekeningswijze was ook gebaseerd op een interne instructie van de fiscus.

De controleur ging niet meer op zoek naar de reële huurwaarde nu het Europees Hof van Justitie dat afgewezen heeft bij arrest van 11 september 2014. Hij legde voormelde instructie evenwel naast zich neer. Volgens hem moest het aan te geven onroerend inkomen als volgt berekend worden: (valeur locative brute x 60%) x 1,4 x 100/60. Een berekening zoals die moet gebeuren voor Belgische tweede verblijven. Van dit bedrag werden door de administratie geen belastingen in mindering gebracht, zoals dat evenmin gebeurt bij Belgische inkomsten.

Volgens de rechter is de berekeningswijze van de belastingplichtige correct en leidt ze tot een berekening van de inkomsten die vergelijkbaar is met de inkomsten van in België gelegen onroerende goederen. De in het buitenland betaalde belasting mag worden afgetrokken omdat enkel het netto-inkomen belastbaar is, daar waar de valeur locatieve brute een brutobedrag betreft. De 40 % regel is dan weet typisch Belgisch die hier niet toegepast moet worden.

Als eigenaar van een niet-verhuurde vakantiewoning in het buitenland, moet u in uw Belgische belastingaangifte de huurwaarde daarvan aangeven, ook al betaald in Frankrijk al de nodige belastingen. Tegenwoordig wordt dat vrij streng gecontroleerd. De Franse fiscus geeft immers informatie door aan de Belgische fiscus.

Dankzij het dubbelbelastingverdrag tussen België en Frankrijk is er geen dubbele belasting. U wordt op een buitenlandse woning al in het buitenland belast. In België is het inkomen uit uw buitenlandse vakantiewoning op zich vrijgesteld, maar met een “progressievoorbehoud”. Het buitenlands onroerend inkomen wordt bij uw Belgische inkomsten geteld om het belastingtarief te berekenen op uw andere in België belastbare inkomsten (art. 155 WIB 92). Uw inkomsten komen dan sneller in een hogere tariefschaal waardoor het gemiddelde tarief voor uw Belgische belastbare inkomsten hoger is. Volgens de wet moet u de huurwaarde van uw buitenlands vastgoed aangeven (art. 7, §1, 2°, d WIB 92). De fiscus definieert de huurwaarde als de gemiddelde jaarlijkse brutohuur die u ingeval van verhuring zou kunnen krijgen volgens de gebruiken van het land en de ligging van het vastgoed (ComIB 13/8). Dat is meer dan het KI van een vergelijkbaar Belgisch pand. Het Hof van Justitie heeft België daarom veroordeeld voor discriminatie. Een buitenlandse woning mag niet meer belastingen veroorzaken op de in België belastbare inkomsten in vergelijking met een binnenlandse woning (HvJ 11-09-2014). Het hof te Antwerpen preciseert nu hoe dat dan juist moet aangegeven worden.

Tip: u kan misschien nog bezwaar aantekenen tegen de te hoger belasting van het voorbije jaar……